Vind de balans in uw WBSO-aanvraag

Vragenbrief over uw WBSO-aanvraag ontvangen? Zeer grote kans dat het aan één van de twee volgende beoordelingspunten ligt. De RvO beoordeelt allereerst of uw project voldoende technische complexiteit bevat. Vervolgens beoordelen ze of uw oplosrichtingen duidelijk genoeg beschreven zijn. Deze twee aspecten lijken elkaar goed aan te vullen, maar is dat in de praktijk ook écht zo? En hoe kunt u hier het beste mee omgaan?

Voor een succesvolle WBSO-aanvraag is het allereerst een vereiste dat de werkzaamheden technisch complex zijn en dus knelpunten bevatten. Daarnaast moeten deze knelpunten ook nieuw zijn voor de organisatie en kunnen die dus alleen opgelost worden door, het woord zegt het al, speur- en ontwikkelwerk. Speur- en ontwikkelwerk kenmerkt zich door een iteratief karakter, waarin gaandeweg steeds meer moeilijkheden boven tafel komen. Het kan dus lastig zijn om op voorhand duidelijke oplosrichtingen te benoemen. Toch moet dit zorgvuldig op papier komen te staan, want als de oplossingsrichting niet duidelijk genoeg verwoord is wordt de aanvraag afgewezen.

Heeft u duidelijk voor ogen hoe u de technische knelpunten kunt oplossen? Dan is het belangrijk om tactisch in beraad te gaan hoe duidelijk u de oplosrichtingen formuleert. Bij een te duidelijke oplosrichting loopt u namelijk het risico dat de beoordelaar concludeert dat er geen onderzoekscomponent aanwezig is. Hierbij zou het dus gaan om reeds bekende complexiteit, waarmee u al bekend bent met de oplossing.

Het kan dus aardig lastig zijn om subtiel om te gaan met dit spanningsveld waarbij het belangrijk is om balans te vinden in het formuleren van uw oplosrichting. Niet te veel, maar zeker ook niet te weinig informatie. Heeft u hier hulp bij nodig? Of wilt u een goede second opinion? Met onze ervaring kunnen wij u uitstekend assisteren in een succesvolle aanvraag van de WBSO.

Persoonlijk advies?